Koekedoek

Draagconsulent Jolien van den Assum

Een stukje geschiedenis

 

Mensen zijn draaglingen, evolutie heeft dit zo bepaald. Dat wil zeggen dat onze kindjes genetisch geprogrammeerd zijn om gedurende de dag lang bij de ouder te zijn. Signalen kunnen zo snel worden opgepakt en honger en andere ongemakken kunnen direct verholpen worden. Je baby heeft van Moeder Natuur verschillende kenmerken meegekregen die dit dragen mogelijk en makkelijker maken, ook al gebruiken we ze lang niet allemaal. Bijvoorbeeld: 

Mororeflex: wanneer de baby schrikt of valt opent hij zijn armen en benen om ze vervolgens te sluiten, meestal gevolgd door hard huilen. De baby probeert zich zo vast te grijpen aan zijn moeder. Dit reflex werd beschreven door de Oostenrijkse kinderarts Ernst Moro en werd door hem ook wel de omklemmingsreflex (“Umklammungsreflex”) genoemd.

De grijpreflex: plaats je vinger in de handpalm van een baby en hij grijpt die stevig vast. Wanneer je borstvoeding geeft, herken je vast dat je kindje je vast grijpt. Ook de voet vertoont een grijpreflex. De voet kromt en de tenen krullen naar binnen. Echt grijpen kan zo’n voetje natuurlijk niet meer, omdat de evolutie van de voet gericht is op het dragen van het lichaamsgewicht in rechtopstaande stand. Er is natuurlijk ook niets meer om naar te grijpen. Onze “vacht” zijn we door de eeuwen heen kwijt geraakt.

Spread-squat reflex: wanneer een baby wordt opgetild, spreidt en heft hij de beentjes op in een soort hurkstand, Deze positie bereidt de baby voor om gedragen te worden op de heup van de moeder. Anatomisch gezien is de hoek van de heup ideaal om de spreidpositie van de beentjes van de baby te ondersteunen.

Bij een (pasgeboren) baby wijzen de handpalmen en voetzolen naar elkaar toe en de beentjes hebben een o-vorm. Dit maakt het voor de baby makkelijker om zich vast te grijpen. Daarnaast vertoont de ruggengraat een volledige kromming, ook wel de C-vorm genoemd.

Tuurlijk, de tijd van holenberen, sabeltandtijgers, survival of the fittest en rivaliserende stammen ligt gelukkig ver achter ons, onze baby’tjes kunnen slapen in een Prenatalwiegje met anti allergische dekentjes en in geschilderde kamertjes. Dat neemt niet weg dat de geprogrammeerde overlevingsdrang niet verdwijnt. Een baby voelt zich het veiligst dicht bij jou waar zijn signaaltjes snel worden opgepikt.  

Dragen is voor iedereen

Ook al lijkt het wellicht een modegril van de laatste tijd met vele draagdoeken in het straatbeeld, dragen is van álle tijden en juist de kinderwagen is iets relatief nieuws. Dragen is gelukkig al lang niet meer alleen voorbehouden voor moeders, maar voor iedereen die met welke regelmaat dan ook te maken heeft met de verzorging van een kind. Natuurlijk is het lekker om zo snel mogelijk te beginnen na de geboorte, wat wellicht vooral voorbehouden zal zijn voor vaders gezien de lichamelijke gesteldheid van de moeder. Laat je vooral niet weerhouden wanneer je kindje al ouder is, er kan altijd iets gebeuren waardoor dragen ineens een rol kan spelen in jullie leven. Kinderen kunnen in de doek gedragen worden zo lang als voor jullie comfortabel is, vaak is dit tot een jaar of 3. Je kindje zal dit zelf aangeven. 

Alle baby’s huilen, maar de één wat meer dan de ander. Als een baby of peuter minder goed in zijn vel zit door griep, reflux, groeispurt of pijn, kàn dragen een uitkomst bieden. Door het dragen heb je je handen vrij voor andere dingen terwijl je toch een oogje in het zeil kan houden. Daarnaast voelt je kindje je aanwezigheid wat voor rust zorgt. Voorwaarde is we  dat het veilig gebeurd en ergonomisch voor zowel verzorger als kind. Een Youtube filmpje kan nooit een draagconsult vervangen. 

 Wist je dat de draagdoek ook kan helpen tijdens de zwangerschap? Ik ben opgeleid om consulten te geven voor knoopwijzen voor zwangeren. Deze knoopwijzen kunnen je helpen vanaf ongeveer 30 weken zwangerschap bij ongemakken zoals bekkenpijn, rugpijn of overbelaste spieren. Mail me voor meer info!